Toen ik net samenwoonde liet ik pa overkomen voor klussen,

03/12/2010 - 0 reacties

want papa is natuurlijk de enige echte klusman en niemand anders kan het beter dan papa zelf.

(Dit is iets wat hij zelf ook altijd heel goed weet.”Weet je wat, laat papa maar doen, papa kan het wel goed doen”, zegt hij altijd).

 Ik vond papa niet op zijn sterkst die dag. Hij liet hamers vallen. Hij liet kapstokjes zomaar uit zijn handen glippen. Ik ging met hem naar de Ikea waar hij tegen dingen aan liep en in het magazijn was hij aan het stuntelen met zo’n grote winkelwagen waarmee hij de hele tijd tegen de benen van mensen aan liep.

Op een gegeven moment liep ik voor hem, en hoorde ik achter mij allemaal gestommel van geluiden. Ik keek achter me en werkelijk waar: de vent was gewoon tegen een stapeltje kastjes aangelopen.

Ik vond het raar. Mijn vader stuntelt nooit. Mijn vader laat nooit dingen vallen. Mijn vader is nooit onhandig. En toen we thuis kwamen zei hij: “ja ik heb nogal hoofdpijn de laatste tijd. Nu, ik ben duizelig, even zitten ja, wacht.

Ik werd boos. Vet boos. Hij kwam toch verdomme om te klussen, ja of niet dan. Nou hang nou op dat kapstokje, en LAAT NOU NIET WEER DIE HAMER VALLEN.

Later besefte ik dat ik ervan schrok. Dat hij hoofdpijn had, want papa heeft nooit hoofdpijn en is bijna nooit ziek, en nou liet hij dingen vallen. Dat zei ik tegen zusje R. Hij moet een afspraak maken met de dokter, zei ze. Maar ja. Mijn vader en een afspraak maken met de dokter, dat doet hij pas wanneer zijn been gebroken is. Maar dan nog: de andere been is nog goed, dus papa kan toch nog naar werk?

Dus belde ik zelf met de huisarts. Dat ik een afspraak wou maken, gewoon een controle voor mijn vader. En ik zei het tegen pa, dat hij maandagochtend een afspraak had. Ik maakte hem wijs dat hij, als hij niet ging, een flink bedrag aan de dokter moest betalen (wanneer iets geld kost, gaat mijn vader er opeens 200% voor).

Hij ging naar de dokter. Die verwees hem door naar het ziekenhuis. Die testte hem op bloed, suiker, en weet ik nog veel wat.

Een paar weken later belde papa op en zei hij dat hij uitslag (“Des, hallo, ik heb uitslag!”) had. Dat er gelukkig niets aan de hand was maar “mijn chloste. chloera, chloeras, chloles (ik: cholesterol pa?) ja, dat is wel hoog”.
“Maar voor de rest: papa zei het toch, er is niets aan de hand, gewoon gezond, papa is gezond”.

Dat schrikmomentje, dat was even een paniek, paniek om niets blijkt gelukkig achteraf, maar soms hoor je van die verhalen, en lees je dingen, en zul je net zien dat het je zelf overkomt, nou…ik wil er niet aan denken.
Ik wil er niet aan denken als mijn voorbeeld, mijn vader, mijn held, als hij..
I
k wil niet.
Ik.
Wil.
Niet.

Dus kan ik een diepe zucht weten te onderdrukken als ik weer eens thuis ben en hij voor de zoveelste keer zegt “kun je nou even de deur dicht doen, want het tocht, doe deur dicht, straks energierekening van papa hoog, je luistert niet”.

En nu.
Heeft papa al weken last van zijn schouder. En elleboog. En kan hij niet tillen.
Je moet naar de dokter, zei ik hem. “Ja..nou..papa heeft druk. Geen tijd”.

Ik bel de huisarts maar eens op.

(ps. Dit stukje is een beetje geschreven nav de blog van Sigrid. Die kan hartverscheurende stukjes schrijven over haar verdriet voor haar vader. Die overleed op 13 juni 2009, nadat ze pas 8 dagen wist dat hij kanker had. En elke keer als ik zo’n hartverscheurend stukje lees dan denk ik: potverdikke. Wat mijn grootste angst is, is haar waarheid. Maar. Sigrid weet er, hoe moeilijk het ook is, er mee om te gaan. En dat vind ik gewoon heel. Erg. Knap) .

Vorige post Volgende post

0 reacties

Laat een reactie achter