spiegeltje

20/02/2018 - 8 reacties

Een vriendin van mij heeft 2  kleine dochters. De oudste lijkt zowel uiterlijk als innerlijk heel veel op mijn vriendin. Super confronterend vindt ze het, er is dan ook regelmatig veel strijd. Ze zei eens: als de jongste het op een gillen zet heb ik er totaal geen problemen mee, maar als de oudste precies hetzelfde doet dan word ik meteen zo boos.

Herkenbaar voor mij natuurlijk. Ik heb precies hetzelfde met Adam en Ayoub. Ayoub kan ik makkelijk de hele dag aan, maar toen laatst de leraren gingen staken en Adam dus de hele dag thuis was moest ik regelmatig tot 10 tellen. Adam is een prachtig mooi kind en mijn grootste spiegel. Confronterend, pijnlijk maar ook zo leerzaam.

Zoals laatst. Ze zitten allebei op judo. Ayoub kan alles makkelijk: rennen, de judorol en de koprol. Hij rent en doet maar en is nergens bang voor. Adam is precies mij. Voorzichtig. Onzeker. Bang om te vallen. Elke keer als ze een koprol moeten doen staat Adam een aan de kant. Hij kan het niet, zegt hij. Ik zie hem elke les naar de meester lopen: meester, wil je mij helpen? Onhandig staat hij met zijn beentjes wijd, zijn hoofdje op de mat, maar loslaten, die koprol maken, dat durft hij niet.

Na elke judoles praat ik met hem. Je kan het wel Adam, zeg ik dan. Gewoon hop, je beentjes in de lucht. Zullen we oefenen, samen, vraag ik hem doordeweeks. Op de matras? Hij kijkt weg. Hij wil niet. Hij vindt het niets. En ik, ik ga door. Ik push. Kom op Adam, je kan het wel, je moet het kunnen, Ayoub kan het ook, jij toch ook?

En vorige week, toen realiseerde ik me opeens hoe mijn vader bij mij deed. Toen ik nog niet kon fietsen “en iedereen kan het wel Des, dus kom op”. Toen ik niet kon duiken, woedend was mijn vader. In de auto terug naar huis, van zwemles, zei hij niets. Een doodse stilte in de auto, en ik voelde alleen maar: ik ben stom. Ik ben dom. Ik ben niets waard. Ik kan niet eens duiken. Wat een sukkel ben ik.

Wat maakte het nou uit dat Adam niet de koprol kon, verdorie? Waarom maak ik er zo’n big deal van?  Het geeft niets, zei ik hem daarom vorige week. Zomaar, spontaan. Je bent genoeg zo, zei ik tegen Adam. Je doet het hartstikke goed, zei ik. Ik keek hem in zijn ogen aan, zijn ogen die hij van mij heeft, en in de weerspiegeling zag ik mezelf.

Vorige post Volgende post

8 reacties

  • Reageer Lianne 20/02/2018

    Wat een prachtig stuk weer Des. Zo leuk om af en toe een stukje van te kunnen lezen.

  • Reageer Linny 20/02/2018

    Mooi, moet er bijna een beetje van huilen..

  • Reageer Dionne 20/02/2018

    Mijn oudste lijkt ook erg op mij. Heel afwachtend, beetje onhandig en een doetje. Maar daarom begrijp ik haar wel goed (of ik denk ik haar te begrijpen). En inmiddels ben ik juist superstoer – ik denk omdat mijn moeder me altijd maar een beetje liet aanmodderen – dus er is nog hoop. Ze hoeft niet nu al alles te durven en te kunnen.

  • Reageer Pyrexes 23/02/2018

    Thanks! Yeah, audiobooks come and go in waves for me too.

  • Reageer Yvonne 24/02/2018

    Traantje bij dit verhaal…

  • Reageer Anna 24/02/2018

    Mooi stukje

  • Reageer Marjolijn 27/02/2018

    Oooohh Des 😢❤

  • Reageer Jolyn 02/03/2018

    😘

  • Laat een reactie achter