Wees lief

19/04/2018 - 0 reacties

Van het weekend keken LOML en ik het programma “de opvoeders“. Een programma dat gaat over, uiteraard, opvoeders. Na het kijken van dit programma was mij weer eens duidelijk dat wat ik doe heust niet zo vanzelfsprekend is.

Dat is namelijk wel wat ik vaak denk. Wat ik doe kan iedereen. Wat ik doe, ach wat is dat nou. Ik ben ook maar een moeder. Verder doe ik toch ook niet veel. Kinderen verzorgen, het huishouden. Er zijn mensen op de wereld, die doen toch veel meer?

De pedagoog had het over “kantelmomenten” op de dag. Momenten zoals opstaan. Of naar school gaan. Of: naar bed gaan. Of ook zo’n moment: aan tafel gaan voor het eten. Momenten die even moeilijk zijn voor kinderen. Ik ken het. Alles tussen die kantelmomenten door: het gaat prima. Roep ik “kom we gaan”, dan is er strijd. Het duurt opeens ontzettend langzaam. Ze gaan in discussie, ze willen niet, enz enz. Het zijn vaak ook deze momenten die uitputten, en ook dat kan ik beamen. Want als ik dan eindelijk met 3 kinderen buiten sta haal ik diep adem. Goed, dat is ook gelukt, denk ik dan. En nu nog de auto in (..).

Maar wat ik dus zeggen wil: waarom denk ik zo? Ik bedoel, heust, ik hoef geen schouderklopje (ok, soms wel),  maar waarom haal ik mezelf dan zo beneden? Waarom is datgene wat ik doe niet waardig genoeg voor mezelf? Waarom ben ik zo streng voor mezelf?

Of eigenlijk, ik trek het nu maar even universeel: waarom zijn wij, wij mensen, zo streng voor onszelf? Waarom is datgene wat wij doen niet genoeg? Waarom moet het altijd meer, beter, perfecter?

Het is ons ego, natuurlijk, die dat roept. Je mag er niet zijn, het is niet goed zo, het moet meer.  Dat gevoel om niet goed genoeg te zijn uit zich in angst “want bang om niet genoeg te zijn“. Zoveel mensen om me heen ken ik die dat hebben: last van angstaanvallen. Paniek. Dingen niet durven te doen. Is het een hype, een trend? Nee, ik geloof echt dat daar nu de tijd voor is. Dat we leven in een tijd met teveel keus, met teveel perfecte plaatjes en dat we met z’n allen terug willen naar onszelf, maar hoe doen we dat dan?

Wat ik de laatste jaren geleerd heb is om die angst, dat gevoel van niet goed genoeg te moeten zijn: te aanvaarden. Om dat gevoel te erkennen. Of nog beter: om dat gevoel op te zoeken. Yep: zoek geen afleiding (leuke dingen doen! Het leven is leuk! Ga voor je passie!), maar ga terug naar jezelf. Blijf dicht bij jezelf.

Dat is eng, natuurlijk. Om angst te voelen. Om angst aan te gaan. Om angst te erkennen. Want wat nou als..stel nou dat, ja maar wat nou als…
Nou niets dus. Helemaal niets. Want voel je die angst? Voel em maar. Voel je je klote? Voel je  maar klote. Heb je verdriet? Goed zo, zeg ik altijd, voel je maar lekker verdrietig. En pas als je echt diep durft te gaan, komt er licht. Hoop. Vertrouwen. Liefde. En trots op jezelf; want kijk, je staat er nog.

Wil ik naar het volgende punt (ja sorry, ik wil veel zeggen nu): daarom is het dus zo goed van jezelf te houden. Om lief te zijn voor jezelf. Om jezelf te waarderen.  Om zacht te zijn. En dat begint dus je angsten aan te gaan. Om jezelf te ontdekken: waarom denk je zo? Waar komt het vandaan? Is het iets van vroeger, uit je jeugd? Hebben je ouders je gevormd, en zo ja, hoe dan? Het zal je verbazen (of juist niet) in hoeveel je opvoeding hiermee heeft te maken.

Nog een volgend puntje: wees maar gewoon. Soms zie ik om me heen dat mensen een passie willen hebben, iets willen worden, een doel willen bereiken. Ik herken dat, heust. Maar ik weet nu ook dat dat juist niet de logische stap is. Pas als ik dit of dat ben, dan is het goed. Pas als ik dit of dat heb bereikt, dan kan het. Ik heb het bij veel momenten gedacht in mijn leven. Als ik een vriend heb, als ik getrouwd ben, als ik erachter ben gekomen wat ik wil worden, als ik een kind heb, nee, als ik 2 kinderen heb. En ik merk bij elk kind hoe bewuster ik word. Dat ik nu een andere moeder ben dan toen bij Adam. Dat ik ben gegroeid, dat ik mezelf ontwikkel, dat ik steeds meer mezelf heal, en daarmee ook mijn voorouders.
Dat het goed is.

 

Zondag

08/04/2018 - 5 reacties

Weekend. Zon, eindelijk. Doet me goed. Vogeltjes in de ochtend. Langer licht buiten. Met de kindjes buiten spelen.

Vorig weekend was magisch. Loslaten is iets wat altijd terugkomt. Maar toch: ik ben sterk. Ik heb de kracht. Licht en vertrouwen. Kinderen zijn licht. Soulmates om me heen, een prachtige groep mensen. Ik ben zo dankbaar dat ik deze mensen ken, dat ik ze in mijn leven heb.

Dit weekend dan. Een vriendin komt logeren. Zussen, noemen we elkaar. Spirituele connectie. Ook weer licht. We praten. Over familie. Over gewoontes. Of cirkels doorbreken. Over weer kind mogen zijn, en je ouder ook de ouder laten zijn.

Ik heb gekookt. Heerlijk, zegt iedereen. Ik ben geen keukenprinses hoor, zeg ik. Je maakt hier even een heerlijke maaltijd klaar, zegt mijn vriendin. Hoezo ben jij geen keukenprinses? Ik bedoel dat ik niet uit de losse pols kan koken, zeg ik. Nou en, zegt ze. Je kunt toch ook koken als je van recepten leest?

Heb je verstand van planten, vraag ik haar. Mijn planten gaan altijd dood, zeg ik. De volgende dag kijkt ze om haar heen in mijn woonkamer. Maar Des, waarom zeg je dat je geen verstand hebt van planten? Je hebt daar toch een mooi hoekje met levende planten? Die zien er toch goed uit? Ik bedoel, zeg ik.

Ik weet niet zo goed wat ik bedoel. Ja, toch wel. Dat ik mezelf dus afkraak. Zo streng voor mezelf. Ik ben pas dit als ik dit en zus en zo kan. Nou en, zegt mijn vriendin dan. Je kunt toch zijn, als je gewoon dit bent?

Ik denk na over afgelopen dagen. Dat ik soms weer het gevoel heb dat ik iets moet zijn. Een rol, een naam. Dat wat ik ben, niet genoeg ben.

Reminder nu. Ik ben al.
Ik ben.

Koop maar niet

07/04/2018 - 5 reacties

Een van mijn betere intenties voor dit jaar was: minder kopen. Of in ieder geval: er bewuster mee omgaan. Want aan het eind van 2017 moest ik eerlijk zijn: ik kocht wel erg vaak nieuwe dingen. Kleren: een nieuwe trui, of een vest of toch een broek. Of weer eens een magazine. Of “iets leuks voor thuis”. Pas toen ik er echt op ging letten realiseerde ik me dat ik bij bijna elke winkel die ik voorbij liep wel dacht: misschien hebben ze iets leuks.

Het begon lekker dit jaar. In januari vond ik het kennelijk nodig om een chill outfit te kopen bij Primark (ik heb al tig chillbroeken). En ik kocht in februari een broek, die ik tot overmaat van ramp niet eens goed pas. Het ergste is nog dat ik de broek niet heb teruggebracht (“oh ja, dat moet ik ook nog doen”, zei ik tegen mezelf elke dag, en toen kon het niet meer). Ik zit nu dus met een nieuwe broek van wel 50 eur0 (vind ik echt veel geld) die ik niet eens goed pas. Die dus nutteloos in mijn kas hangt.

Toen vond ik ook nog eens een webshop met prachtige linnen kleren en ik kocht daar twee nieuwe kledingstukken. Echt waarom, waarom, ik snap het niet. Kleine sidenote: ik draag de kleren wel heel vaak dus op zich is het dan wel weer eerlijk. Ofzo.

Waarom ik minder wil kopen:

  • het is toch eigenlijk ook wel milieu vervuiling. Kleine prulletjes van de Hema bijvoorbeeld of de Action, altijd wel van plastic. Waar gaat het straks heen? Las ik laatst niet hoe lang het duurde voordat plastic zeg maar  echt “weg” is?
  • meer mijn huidige spullen waarderen: elke keer als ik mijn kledingkast opruim (ongeveer 4x per jaar) kom ik kledingstukken tegen waarbij ik denk “he, die is ook nog leuk!”.  Ik heb ook echt goede mooie kleding, tijdloos, goed kwalitatief spul, en vooral: genoeg. Meer dan genoeg.  Daarnaast merk ik ook dat als je er zo bewust bij stilstaat ook zuiniger met spullen omgaat.
  • maar toch het allerbelangrijkste: kopen, consumeren is eigenlijk gewoon afleiding. Een verhaaltje. Je ego. Je denkt dat je iets nodig hebt. Je denkt echt dat je leven veel leuker wordt met die nieuwe trui/vest/broek.  Het is gewoon vervuiling met je gedachten. Dat ik denk “maar anders loop ik weer in diezelfde trui. Wat zullen mensen nou denken?”. Nou en?!  Dat je denkt: ik ga me beter voelen als ik dit koop. Een klein geluksmomentje. Waarom moet ik daar eerst iets voor kopen? Waarom ben ik zo afgeleid van mezelf dat ik dat nodig heb?

Goed, anderhalve maand later dus. Vooropgesteld: afleidingen genoeg. Goh, het wordt mooier weer, heb ik niet een nieuwe jas nodig? (Antwoord: nee, ik heb 2 zomerjassen en genoeg vesten). Nieuwe schoenen misschien, want mijn Adidasjes zijn toch best een beetje vies (Antwoord: schoonmaken en klaar ben je). Ik ben extra bewust en dan valt het mij extra op hoe snel die gedachten door mijn hoofd gaan. Dat ik heel snel denk dat ik iets nodig heb. Aan de andere kant: “gelukkig” heb ik het druk genoeg thuis dus ben ik niet vaak in de stad dus niet veel verleidingen en ben ik toch, door het minder kopen dus, extra blij met mijn huidige klerenkast. Een uitdaging: ik heb 2 bruiloften in de zomer waar ik normaal gesproken dus 2 nieuwe outfits voor zou kopen en ik wil dat dus nu niet meer doen. Aan de andere kant: pas ik nog wel in die ene partydress van 2 jaar geleden?

Wat verder mij helpt: als ik een “koopbui” heb sleep ik genoeg in mijn winkelwagentje maar klik ik uiteindelijk gewoon weg. Bij het afrekenen kijk ik naar die spulletjes en dan denk ik elke keer weer: bullshit Des. Niet nodig. En ik schrijf op wat ik denk dat ik zogenaamd nodig heb. Bijvoorbeeld:

  •  deze webshop dus. Die jumpsuit vind ik ik toch wel leuk. Ergens.
  • een boek van Osho. Omdat ik net Wild Wild Country op Netflix heb gezien (aanrader). Overigens heb ik ook de intentie om geen nieuwe boeken meer te kopen, maar gewoon een e-reader, maar dat is dan ook weer iets nieuws kopen.  Maar ik vind lezen wel een fjne hobby, en geen afleiding. Food for tought, dit.
  • notitieboekjes. Terwijl ik nog 2 ongeschreven boekjes op mijn nachtkastje heb.

En dan is er tenslotte ook zoiets als “niet te streng zijn voor mezelf”. Want wat ga ik dan doen: nooit meer wat kopen? Dat is ook niet realistisch.  Ook goed om over na te denken, dus.

Deze is voor jullie

30/03/2018 - 1 reactie

Toen ik nog Twitter had volgde ik ook Femke Halsema. Ze was nog partijleider van Groen Links en ze had het, zo te zien aan haar tweets, razendruk. Ze was continue aan het werk. De momenten dat ik dacht dat ze thuis was met de kinderen waren weinig.

In mijn vriendenkring ben ik de enige fulltime thuismama. De rest werkt. Allemaal wel parttime, maar ze werken. Een paar werken 32 uur, de anderen werken 24 uur. Ze hebben het druk, natuurlijk. Werk, de kinderen, het heen en weer brengen van de kids naar clubjes. “Ik zit bijna alleen maar in de auto”, zuchtte een vriendin eens.

Ik ben nu aan aantal jaar thuismama. Bij Adam werkte ik 32 uur. Toen werd de afdeling waar ik werkte boventallig verklaard, dus kwam ik thuis te zitten. Tijdens mijn zwangerschap van Ayoub en de eerste paar maanden na zijn geboorte solliciteerde ik erop los. Ik wou graag 24 uur werken, 3 vaste dagen Het was bijna niet te vinden.  En hoewel het eerst niet de bedoeling was, bleef ik dus thuis.

En na heel lang nadenken, en vechten, en principes en regeltjes en verwachtingen opzij te leggen (ja maar wat nou als, en wat zouden mensen zeggen, mensen zullen wel denken, ja maar, en maar stel nou dat), voelde ik mij steeds prettiger bij deze rol. Ik denk dat ik nu 4 jaar thuismoeder ben en ik zou niets anders willen.

Gisteren was ik bezoek bij een vriendin die ook net een kleintje heeft. Ze werkt 32 uur, en moet dit weekend 3 dagen voor haar werk naar het buitenland heeft. Doordeweeks is ze pas half 7 thuis van werk, en ze sport ook nog eens 3 dagen. Ze vindt haar werk heel leuk, maar natuurlijk mist ze haar kleintje ook.

Ik wil natuurlijk geen wedstrijdje doen wat zwaarder is, maar als moeder zijnde heb je al 1 hele zware baan: moeder zijn. Jullie werkende moeders hebben dus eigenlijk 2 banen. En hoewel ik ervoor kies om thuis te zijn, ben ik ook ontzettend blij met moeders zoals Femke Halsema. Moeders als mijn vriendinnen. Moeders die carrière (willen) maken. Moeders die meedraaien met de economie van dit land. Tegen jullie wil ik zeggen: bedankt.

Want ik kan me alleen maar voorstellen hoe het is: zal ik sporten, of toch een avondje thuis? Dat je na een volle dag werken ook nog eens het huishouden moet doen. Dat je continue op de klok let, want  zwemles begint zo laat, maar je moet werken tot zo laat, en dan die files natuurlijk onderweg. Dat je in de school nieuwsbrief leest dat het paas optreden tot kwart voor 9 uur is, maar dat je 9 uur op je werk moet zijn. Dat je kleintje ziek is, en dat je eigenlijk thuis wilt blijven, maar tegelijk je collega’s ook niet wil teleurstellen. Och ja, en dan heb je jezelf nog. Kies je voor dat vrije weekendje even zonder de kids, maar je ziet ze al zo weinig.
Die keuzes, die schuldgevoelens, wat moet je toch doen.

Ik ben extra dankbaar dat ik die keuzes niet hoef te maken. Daarom wil ik tegen al die werkende moeders zeggen: ik heb respect voor jullie. Diep respect.

Over nu

21/03/2018 - 8 reacties

Ik zit teveel in mijn hoofd de laatste tijd.

Ik heb het gevoel dat ik heel veel dingen moet doen, alles moet gebeuren, de was (natuurlijk), ik moet sporten, ik moet uitrusten, ik moet ook het huishouden doen, ik moet op tijd naar bed, maar ik moet ook die ene film nog afkijken, en dat ene boek, die moet ik ook nog uitlezen. Ayoub moet goed eten, anders heeft hij weer een lage weerstand, dan wordt hij weer ziek, dan heb ik weer een slapeloze nacht erbij, ik moet niet vergeten woordjes te oefenen met Adam, en oja, hij moet ook nog leren fietsen, ook dat moet gebeuren, ik moet niet vergeten LOML ook aandacht te geven, want hij geeft mij ook zoveel aandacht, hij kookt altijd voor mij en ik moet ook eens meer mijn best doen voor hem, niet vergeten het speelgoed schoon te maken trouwens, vooral in Ayoub zijn keukentje, want bacteriën, overal bacteriën, de was is klaar, niet vergeten om de was op tijd in de droger te doen, en daarna opvouwen, anders, het moet, alles moet.

Ik heb ook het gevoel dat ik iets moet zijn, iets meer dan dit, heel soms, dan komt dat gevoel weer naar boven, wat ik nu ben, een moeder, een doodnormale moeder, is niet genoeg. Ik was toch ook bezig met mijn boek, waarom is dat boek er nog niet Des, ik moet schrijven, ik moet ook tekenen, dat deed ik toch zo lekker de laatste tijd, waarom ga ik daar niet mee bezig, iedereen gaat mee in de maatschappij, iedereen doet iets, en is iets, maar ik, ik moet ook iets zijn toch?

En LOML, ik moet daar trouwens ook iets mee, ik bedoel, als de kinderen er niet zijn, genieten we van elkaar, we gaan naar de bioscoop, en uiteten, of juist niet, we slapen uit, of juist niet, het geeft niets, het maakt niets uit, het kan allemaal, maar dan zijn de kinderen er weer en dan hebben we elkaar avonds niet veel te vertellen, liggen we allebei moe op de bank, voor de tv, hoe was je dag, ja leuk, moe, en bij jou, ja ok, wel moe, het gaat voorbij he zegt hij, en ik zeg nou ja, het zal best, maar hallo, we moeten toch spetteren, elke avond weer, en 3x per week seks en elke avond goede gesprekken, toch, dat moet toch ofzo?

Alle dagen lijken op elkaar, het opstaan, het ontbijt maken, de kinderen aankleden, broodbakjes klaarmaken, weer de was, weer de boodschappen, en op tijd eten, wel goed eten Des, want anders loopt de borstvoeding terug, ook zo belangrijk, wat gaan we eten vanavond, wat lust Ayoub nu weer niet, want hij moet wel eten, genoeg vitamines, tijd om naar bed te gaan, en weer roepen en weer een plasje, en weer wat vragen, en het deken zit niet goed, terwijl ik juist aan de avond wil beginnen, mijn avond, maar ik ben ook zo moe..

och ja, die vermoeidheid. Gebroken nachten, dikke ogen in de ochtend, kringen onder mijn ogen, watten in mijn hoofd, ik leef de dagen in een sluimerstand.

Het is een beetje een boel gezeik zeg, als ik dit allemaal zo lees, en luxeproblemen, heus, ik weet het wel. Maar zo gaat het dus in mijn hoofd de laatste tijd, ik zit teveel in mijn hoofd.

Het belangrijkste is denk ik dat ik vertrouwen heb, dat dit ook wel voorbij gaat, het gaat voorbij, het komt wel goed, er komen lichtpuntjes, er zijn lichtpuntjes, genoeg, dus even volhouden, even geduld, het komt wel goed.

Ik ga maar even mediteren denk ik, mijn telefoon aan de kant, deze laptop aan de kant, en even uit mijn hoofd.
Even terug naar mezelf.