Hoe gaat het met je

06/03/2018 - 2 reacties

Ik had een gesprek laatst met een niet te nader noemen persoon. Ze baalde dat ze steeds vaker merkte dat er geen echte band was met vriendinnen. Ze sprak  met ze af en het viel haar elke keer weer op:  de hele avond werd er niet 1x echt aan haar gevraagd hoe het met haar ging. Waar het gesprek dan wel over ging? Oppervlakkige dingen zoals werk, een nieuw huis, de laatste roddeltjes. Niets noemenswaardig, nergens de diepte in.

Moet jij eens opletten hoe weinig mensen echt aan je vragen hoe het met je gaat. En dan bedoel ik niet een standaard “alles goed?”, maar een oprecht “hoe gaat het nou met jou?”.

Ze baalde, en ik snapte het wel. Mensen praten het liefst over zichzelf. Dat is logisch natuurlijk ergens. Maar ik vind: een goed gesprek is geven en nemen. Echt praten met elkaar. Hoe gaat het met jou, wat houd je bezig, waar denk je aan? Ik besloot een tijdje terug om dan ook echt eerlijk antwoord te geven.  Als het goed met ging, dat ik dan ook echt zei: ja het gaat goed, het gaat lekker, alles in balans. Maar als dat niet zo was, dat ik daar dan ook antwoord op gaf.

Ik had laatst een verjaardagsfeestje en ik was dus zo moe. Ik sprak die avond met verschillende mensen “he, hoe gaat het”, en ik antwoordde elke keer eerlijk “niet zo goed. Niet zo lekker. Ik ben moe“. Ik was bijna verbijsterd op de antwoorden die je dan terug krijgt. Oh vervelend, en vervolgens ging het weer ergens anders over. Sommige mensen gingen er helemaal niet op in, alsof ze bijna niet wisten wat je dan terug moet zeggen.

Begrijp me niet verkeerd, ik zeg niet dat ik de ideale gesprekspartner ben. Ik probeer er echt op te letten, door echt door te vragen, of door te herinneren wat diegene ook nog weer bezig hield.  Toch merk ik dat ik soms half luister, niet uit desinteresse maar omdat ik zelf zo afgeleid bent. Soms heb ik in mijn hoofd al een antwoord klaar of geef ik ongevraagde tips of advies. Of ik trek het verhaal naar me toe “ohja, dat heb ik ook, nou en weet je dus wat bij mij hielp…”.
Oprecht luisteren, dat is dus iets wat ik echt wil leren.

In ieder geval: die avond was ik me er dus zo bewust van dat niemand eigenlijk echt naar je luistert tot ik een vriendin sprak. Hoe gaat het met je, vroeg ze, en ik zei : ik ben zo moe. Toen deed ze iets zo hartverwarmend dat het me tot nu toe is bijgebleven: ze deed haar hand op mijn knie, kneep erin, wreef toen over mijn rug en zei: “och meid, wat vervelend voor je. ik kan het me voorstellen. Drie kinderen, en ik ben al moe van mijn twee kids”.

Ze vroeg door, we spraken verder, maar dat ene gebaar, ik vond het zo lief, zo warm., zo liefdevol. Met mijn zusje had ik het er over, en zij vertelde ook dat ze eens door de stad liep en verschillende mensen tegenkwam. Er was maar 1 iemand haar echt bij gebleven, een ex collega. Die vroeg haar hoe het met haar ging, en met “die knappe neefjes die ze altijd op Facebook zet”.

Ik wil dat gevoel ook aan mensen geven.  Zonder oordeel, maar ook zonder een tegenactie, zonder dat ik wil dat mensen het terug aan mij geven. Maar dat vind ik nog moeilijk. Nog vind ik het jammer als ik aan het eind van een feestje of een afspraak denk: tja, wie heeft mij nou deze avond echt gevraagd hoe het mt mij gaat?

Nog een te leren proces dus, dit.

Mijn vader en ik part nogwat

02/03/2018 - 2 reacties

Mijn vader heeft al sinds vorig jaar last van zijn knie. Door het hardlopen. Natuurlijk deed hij daar niets mee.

Zo is mijn vader. Heb je pijn, dan ga je gewoon door. Ben je ziek, dan ga je gewoon naar werk. Heb je dus last van je knie, dan ga je gewoon door met hardlopen. Niet 5 km, maar de 10, het liefst. En daarnaast 40+ uren werken. Zo ken ik mijn vader, al mijn hele leven.

Hij begon al snel mank te lopen, zoveel pijn had hij. Naar de dokter dan pa? Nee, hoeft niet, zei hij. Gaat wel over.  Op een gegeven moment hoorde ik van mijn moeder dat hij ’s nachts wakker werd van de pijn. Ok, gaan we dan nu naar de dokter pa? Nee, niets aan de hand, zei hij.

Tot hij dus viel en niet meer kon opstaan. En wel een week (!!!) thuis moest blijven. Niet naar werk kon. Hij verveelde zich rot, wist niet wat hij met zichzelf aanmoest. Na die week ging hij weer aan het werk. Nee, het deed heust geen pijn meer, zei hij.

We zijn inmiddels een jaar later en omdat mijn vader dus niet naar zijn lichaam luisterde, omdat hij zo eigenwijs is, moet hij volgende maand geopereerd worden. Iets met de meniscus. Pa, als je nou eerder naar de dokter was gegaan, dan was die operatie waarschijnlijk niet nodig geweest, toch?
Mwah, zo zie ik dat niet echt, zei hij.

Natuurlijk, zoals altijd, was ik weer flink geïrriteerd door het gedrag van mijn vader. Waarom hij niet naar zijn lichaam luistert. Waarom hij vol met regeltjes zit. Waarom hij perse door moet gaan, doorgaan, altijd, niet stoppen, want stoppen is falen, stoppen is wat sukkels doen, stoppen is niet uit te leggen aan anderen. LOML hoorde mijn geklaag aan en zei toen: “daarom ga jij ook nooit naar de huisarts als er wat is. Dat heb je nooit geleerd”.

Het is waar. Ik vind ziekmelden ook onzin. Ik vind naar de huisarts gaan ook zonde van mijn tijd. Waarom zou ik, het gaat wel over joh, gewoon doorgaan. Hoe vaak ik last heb gehad van mijn rug en LOML zegt “ga dan naar dokter”, en ik vervolgens: nee hoeft niet.

Ik dacht er over na, waarom dan niet, dat naar de dokter. Het is niet een kwestie van onzin vinden, of gewoon doorgaan en niet stoppen, het is eigenlijk ook een minderwaardigheidscomplex. Dat mijn vader zijn lichaam niet heilig genoeg vind om er zuinig op te zijn. Werk gaat eerst. Andere helpen gaat voor. En dan pas hij. Altijd hij op het laatst, altijd anderen eerst, want hij doet er niet toe. Hij is het niet waard.

Vorige week had ik een trainingssessie met mijn pt. Ik deed een oefening en zei: ik voel het bij mijn rug. Oh, zei hij, dat is niet de bedoeling. We slaan deze oefening dan over.

Later had ik het er met mijn man over, dat ik zo verbaasd was dat mijn pt dat zei. De oefening overslaan? Gewoon niet doen? Maar…is dat niet iets wat sukkels doen? Stoppen, opgeven, dat was het toch? Was ik nu nog wel “aan het sporten”, dat ik die oefening dus gewoon niet ging doen

In mijn hoofd klopte het gewoon niet, al was ik blij dat mijn PT het zei (als ik alleen trainde was ik dus gewoon doorgegaan). Ik begreep mijn vader waarom hij dus altijd doorging, hoe dat stemmetje zich ontrafelt, niet stoppen, doorgaan, gewoon doorgaan en niet luisteren naar je lichaam, je gevoelens, je emoties.

Ik zie mijn vader, en ik zie mezelf. En ik zie dan Adam en dan hoop ik zo…ik hoop het echt.
Die cirkel doorbreken, trots zijn op jezelf, jezelf het waard vinden, nu al, altijd al, elk moment van de dag.

6 jaar

28/02/2018 - 3 reacties

Een deze dagen ben ik 6 jaar getrouwd. Alweer 6 jaar. Ik zocht het stukje op dat ik schreef toen ik net getrouwd was. Ik verbaas me over de ontzettend grote roze wolk waar ik op zat. Als ik terug denk aan de trouwdag dan voelt dat helemaal niet zo.

LOML en ik zijn natuurlijk heust uit liefde voor elkaar getrouwd. Ook omdat we geloven in het huwelijk, in een leven als man een vrouw samen. Met een Marokkaanse achtergrond (hij) en ik indonesisch was het echter ook een logische  volgende stap. We moesten niet perse trouwen, als we nu nog getrouwd waren was het niet een heel groot probleem geweest denk ik. Maar we woonden al samen, ongehuwd, we wilden absoluut aan kinderen begonnen en nou ja, in onze beide culturen wordt het toch nog een beetje verwacht dat je dan getrouwd bent. En omdat er dus (gelukkig) genoeg liefde was tussen LOML en mij vonden wij het allemaal prima.

Was mijn trouwdag nou de mooiste dag van mijn leven? Nee. Absoluut niet. Ik kan nog tig betere dagen opnoemen.  Mijn huwelijksaanzoek was niet romantisch waarbij LOML op 1 knie ging. Ik ging niet voor mijn droomjurk. We deden geen eerste dans. Er was geen speech, LOML tilde mij al helemaal niet op bij de voordeur en tijdens onze *kuch* huwelijksnacht sliepen we meteen in, zo moe waren we.

Dit klinkt alsof het een verschrikkelijke dag was, maar dat was het niet, echt niet. Ik ben nog steeds dankbaar voor alle mensen die mee hielpen, die dag(en. We hadden een islamitisch trouwfeest en een Marokkaans feest). Ik moest huilen en mijn beste vriendin droogde mijn tranen. Met mijn vader liep ik de zaal binnen, en toen ik voor het eerst stond naast LOML staan hoorde ik hem zachtjes fluisteren “wat zie je er mooi uit”. Mijn trouwkebaya was echt heel mooi, met een klein sleepje. We hoefden niets te regelen, niets te betalen, de feesten kregen we kado van onze ouders, en tegelijkertijd was het ook een kado van ons aan hun, hoe dubbel dat ook klinkt.

Ik kijk er, kortom, met gemengde gevoelens op terug. Er was heel veel liefde, dat is het belangrijkste, maar het voelde niet als een bruiloft van mij. Van ons.

Een hele tijd terug, ergens vorig jaar, vroeg ik opeens aan LOML hoe hij het zou vinden om opnieuw te trouwen. Of nouja,opnieuw de liefde te vieren. Klein, intiem, alleen voor ons. Tot mijn volle verbazing zei hij ja. Dat lijkt me wel heel leuk, zei hij.

Dus, omdat ik een meisje blijf, droom ik deze week een beetje. Ooit, een kleine bruiloft, alleen wij, ons gezin. Als de jongens al groot zijn (met misschien een dochter erbij, ja hallo, ik zit nu toch in een droommodus). In een warm zonnig land. Aan het strand. Met blote voeten in het zand. Met golvend beachhair. Een hele simpele witte jurk, met spaghettibandjes. Adam die foto’s van ons maakt (kan hij al). Ayoub die gitaar speelt (zie ik hem voor aan). Reda die de ringen brengt. En daarna heerlijk eten in een toprestaurant.

Ooit, het kan, het mag, opnieuw een dag met zoveel liefde.

 

Vrouwen

24/02/2018 - 5 reacties

Toen ik zwanger was van Reda had ik een prachtige santo daime* ceremonie met alleen maar vrouwen. Wat een verschil is dat met ceremonies waar ook mannen bij zijn. Ten eerste: het voelt veel lichter. Minder zwaar, minder met het ego (sorry dit is niet raar bedoeld voor de mannen). Maar ook: heel sterk. Onderschat de vrouwelijke energie niet. Wat een kracht schuilt daarin.

Tijdens de ceremonie deelden we verhalen en wijsheid. Een vrouw vroeg zich af waarom de relatie tussen en dochter en moeder vaak gecompliceerd is. Een andere vrouw vertelde dat ze nog steeds last had van een onverwerkt trauma van haar bevalling, alweer 25 jaar geleden. Hoe ze nog steeds pijn voelt in haar buik omdat ze tijdens haar bevalling geen controle had over haar lichaam. Weer een andere vrouw vertelde dat ze het gevoel had dat het nooit goed genoeg was voor de vrouw in de maatschappij. Eerst moeten we heel slank zijn, heel dun, en dan weer met vormen, met een volle kont en brede heupen. We moeten goede moeders zijn, maar ook ambitie hebben voor een succesvolle carrière, we moeten een goede huisvrouw zijn, maar ook niet te mutsig want stel je voor dat je niet sexy genoeg bent.

Ik herkende zoveel in deze verhalen. Dat ik me soms too much voel. Ik voel me soms te onhandig. Te uitbundig. Rustig moet ik zijn, stiller. Een vriendin van mij hoorde ik eens tegen haar dochtertje zeggen, ze liet een keiharde boer: nou nou, je bent toch een dame, dat mag niet. Ik oordeel niet, want hoevaak zeg ik zelf tegen mijn zoontjes als ze lopen te gillen “doe eens wat rustig, je bent toch geen meisje?”.

Daarom ben ik zo blij met die veranderingen die ik voorbij zie komen. Het mag allemaal wel wat zachter, we mogen wel meer terugkeren naar onszelf, en meer overnemen van die stille sterke vrouwelijke kracht. Ik las laatst weer eens Light is the New Black waarin stond “for too long we have been living in a patriarchal society, where the ego-driven powers of fear, unconsciousness, separateness, and controle have been at the forfront.(…), yet we are more depressed and lonelier than ever.

Moving out of  patriarchy is not about the feminine ruling of the masculine, rather a more balanced state of being where we embrace the authenticity of who we are en realize that we are all connected, part of a larger whole. The rising feminine can be found in both men and woman”.

Ik omarm die vrouwelijke kracht. Steeds vaker kijk ik naar mijn lichaam en ben ik trots op mijn strepen, op mijn zachte huid. “I’m so fuckin’ sick and tired of the Photoshop, Show me somethin’ natural like ass with some stretchmarks” rapt Kendrick Lamar in Humble.  Als ik een afspraak ergens hebt, vraagt mijn moeder mij altijd “en wat gaat je man dan eten?”.  Opgegroeid met een cultuur waarin het normaal is dat vrouwen koken, dat vrouwen voor de kinderen zorgen (ik heb neven en ooms in Indonesië met 5 kinderen maar die nog nooit een luier verschoond hebben), dat vrouwen het huis schoonmaken, heb ik ook heel lang gedacht dat ik daar iets fouts deed. Ik ben geen goede vrouw, dacht ik vaak. Ik ben niet vrouw genoeg.

Ik zat eens in een Facebook groepje over borstvoeding. Sommige moeders plaatsten foto’s van hun gekolfde flesjes melk, maar andere moeders, waarvan de borstvoeding niet goed lukte, vonden dat geen fijne foto’s. Daarom kwamen er regeles in het groepje “deze foto’s mochten niet meer geplaatst worden”. Hoewel lief bedoeld dacht ik ook: nou en? Waarom kunnen wij vrouwen juist niet blij zijn voor elkaar? Het elkaar juist gunnen? Dat de ene vrouw trots is op haar borstvoedingavontuur, zegt toch niets dat ze daarmee stoer wil doen voor andere vrouwen? We kunnen elkaar toch juist helpen? Ik ben daarom zo klaar met het oordelen over andere moeders. Heust: ik denk nog vaak genoeg heel snel “nou, zo zou ik het niet doen”. Maar dat is precies wat ik bedoel: zo zou IK het niet doen, en andere moeders misschien wel, en wat geeft dat? Zo ben ik dol op het programma “een huis vol“. Hoewel ik stiekem moest lachen om de limburgse Buddenbruckjes (die luipaardprint en roze veren bij de maxi cosi) had ik ook inmens veel respect voor de moeder. Wat kan ik daar veel van leren zeg: die rust die zij uitstralen, die flexibiliteit, dat geduld.  Geef mij daar maar een potje van.

Ik las eens een interview met een carrierevrouw aan de top van een bedrijf, wat was haar kracht, wat zouden we meer moeten doen voor meer vrouwen aan de top? Omarm de vrouwelijke kwaliteiten, zei ze. De zachtheid van vrouwen, haar gevoeligheid waarmee ze beslissingen neemt.

Ook gezegd tijdens de vrouwenceremonie: we hebben elkaar nodig. Ja, ook de mannen. We kunnen ook wat leren van de man (een vrouw hoorde ik zeggen “we kunnen ook heust teveel zeuren hoor”).  Mijn zusje zei laatst dat ze van mannen houdt die een vrouw een vrouw laat zijn. We moeten elkaar in onze kracht laten.

*De gedichten komen uit het boek “the sun and her flowers” van Rupi Kaur. Haar boek Milk and Honey heb ik dubbel.  Als je deze wil, laat dan even een reactie achter, dan stuur ik het je als kadootje toe.

 

Wat ik heb geleerd over loslaten

23/02/2018 - 0 reacties

Loslaten betekent niet perse “minder houden van” , “geen contact meer met elkaar” of “geen dromen of passie’s mogen hebben”.

Ontzettend geleerd in 2016. Dat je iemand ook kunt loslaten en juist veel dichter naar elkaar toe kan komen. Dat er dan juist liefde vrijkomt.  Ik heb mijn vader heel erg moeten loslaten en ik vond dat in het begin heel moeilijk. Want ik had het gevoel dat ik hem liet vallen. Dat ik hem alleen liet. Dat ik geen goede dochter zou zijn, of niet meer van hem zou houden. Hetzelfde met plaatjes of verwachtingen in mijn hoofd. Ik laat het idee los dat mijn boek uitgegeven gaat worden, dus dat idee is er niet meer. Maar natuurlijk wel. Alleen de energie verandert.

Loslaten kan alleen vanuit liefde.

En niet vanuit je ego. Niet vanuit boosheid. Dan kun je nooit goed loslaten. Je kunt wel boos worden, geërgerd of geïrriteerd maar daar heb je uiteindelijk alleen jezelf mee. Maar als je juist uit oprechte liefde voor iemand (of iets) loslaat, dan voelt het juist heel vrij. Heel liefdevol.

Loslaten is een proces met afscheid en verdriet, en dat geeft niets.

Ik voel me soms ontzettend alleen omdat ik vriendinnen heb moeten loslaten. Vriendinnen waarvan ik dacht altijd een hechte connectie mee te hebben, en dan opeens voelt het helemaal niet zo. Dat besef doet pijn. Zo’n vriendschap loslaten voelt als een afscheid nemen van iets (de vriendschap) maar ook iemand (de vriendin). Dat is verdrietig, en ook dat mag er zijn.

Loslaten is dagelijks “werk”.

Er zijn dagen dat het prima gaat, en er zijn dagen dat ik er iets meer moeite mee hebt. Dat geeft niets. Ik ben me er bewust van, dat is al een grote stap. En ik weet dat zolang ik liefde voor mezelf heb, ook liefde voor anderen heb, en daardoor dat loslaten ook vanzelf gaat.